Spring naar content

Vrijheid, blijheid voor verpanding en overdracht van zakelijke geldvorderingen

7 augustus 2025 Blog Monique Jansen

Op 6 maart 2025 is in het Staatsblad een nieuwe wet, de Wet opheffing verpandingsverboden, gepubliceerd. Deze wet is op 1 juli 2025 in werking getreden.[1]

Aanpassingen door de Wet opheffing verpandingsverboden

Enkele artikelen in Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek worden aangepast. De aanpassingen houden het volgende in.

  • De aanvulling van art. 3:83 lid 3 BW: De overdraagbaarheid of verpandbaarheid van geldvorderingen op naam in het kader van de uitoefening van een bedrijf of beroep kan in beginsel niet meer (geheel of gedeeltelijk) worden uitgesloten. Bedingen die de overdraagbaarheid of verpandbaarheid van zakelijke geldvorderingen uitsluiten zijn nietig.
  • De aanvulling van art. 3:83 lid 4 BW: Er gelden enkele uitzonderingen op de aanvulling in 3:83 lid 3 BW, namelijk in geval van banksaldi, geldvorderingen waarbij meerdere kredietverstrekkers betrokken zijn, vorderingen van en op een clearinginstelling en geldvorderingen die op een g-rekening gestort moeten worden.
  • De aanvullingen van art. 3:94 lid 5 en 3:239 lid 5 BW: De mededeling van een overdracht of verpanding van een geldvordering, zoals bedoeld in art. 3:83 lid 3 BW, moet schriftelijk worden gedaan.

Ik wil meer weten over ondernemingsrecht

Gevolgen van de Wet opheffing verpandingsverboden

Onoverdraagbaarheidsbedingen zouden zakelijke geldvorderingen op slot zetten, doordat de vordering niet kan worden verhandeld of als zekerheidsobject kan worden gebruikt. De nieuwe wet zou moeten leiden tot meer financieringsmogelijkheden, lagere rente en minder betalingsproblemen.

Een mogelijk nadeel van de wet is gelegen in de verdeling in faillissementen, nu die verdeling mogelijk anders uit zal vallen. Als ook zakelijke geldvorderingen verpand of overgedragen zijn, dan blijft er minder over voor de andere schuldeisers.

Let op: Wet opheffing verpandingsverboden geldt ook voor bestaande bedingen!

De nietigheid in art. 3:83 lid 3 BW geldt vanaf 3 maanden na inwerkingtreding van de wet voor bestaande bedingen, die de overdraagbaarheid of verpanding van geldvorderingen op naam geheel of gedeeltelijk uitsluiten. Deze bestaande bedingen zijn dus vanaf 1 oktober 2025 nietig.

[1] KB 31 maart 2025, Stb. 2025, 92.

Waar kunnen we jou mee helpen?

Heb je vragen of hebben we je al overtuigd? Neem vrijblijvend contact met ons op.

Open
sollicitatie

Velden met een * zijn verplicht

"*" geeft vereiste velden aan

Max. bestandsgrootte: 100 MB.
*

Direct
solliciteren

Velden met een * zijn verplicht

"*" geeft vereiste velden aan

Max. bestandsgrootte: 100 MB.
*
Deze site is geregistreerd op wpml.org als een ontwikkelsite. Schakel over naar een productiesite met de sleutel op remove this banner.