In het civiele recht kennen wij een bepaling die misbruik van recht tegengaat. Artikel 3:13 BW van het Burgerlijk Wetboek bepaalt: “Degene aan wie een bevoegdheid toekomt, kan haar niet inroepen, voor zover hij haar misbruikt”.
Het tweede lid van dit artikel bepaalt: “Een bevoegdheid kan onder meer worden misbruikt door haar uit te oefenen met geen ander doel dan een ander te schaden of met een ander doel dan waarvoor zij is verleend of ……”.
Recht op laatste woord
Je zou kunnen concluderen, dat in civielrechtelijke zin door Wilders ‘misbruik van recht’ is gemaakt doordat hij deze week gebruik heeft gemaakt van zijn recht op een laatste woord in zijn strafrechtzaak. Wilders heeft zich immers geheel aan het proces onttrokken: hij heeft niet één vraag van een rechter of van één van de officieren van justitie beantwoord. Wilders verdedigde zijn afwezigheid in de zittingszaal met de stelling, dat het gaat om de vrijheid van meningsuiting en dat die discussie volgens hem zou moeten worden gevoerd in het parlement en niet in de rechtszaal.
Dubbele moraal
Daar wringt hem de schoen: Wilders komt niet omdat hij vindt dat in het parlement gesproken moet worden over de vrijheid van meningsuiting, maar op het moment dat hij de kans krijgt om een politiek betoog te houden ( dat volgens hem thuis hoort in de Tweede Kamer) duikt hij plotseling wel in diezelfde rechtszaal op! Want laten we wel wezen, zijn slotwoord kan louter worden gekwalificeerd als een ‘politiek betoog’. Een volstrekte dubbele moraal: naar zijn eigen mening zou hij dat betoog in de Tweede Kamer moeten houden en niet in de rechtszaal.
Nietig
Natuurlijk mogen de hiervoor genoemde artikelen in het Burgerlijk Wetboek staan, het recht van een verdachte op het laatste woord is ‘absoluut’. Artikel 311 lid 4 van het Wetboek van Strafvordering bepaalt: “Aan de verdachte wordt op straffe van nietigheid het recht gelaten om het laatste woord te spreken”. Dat hij daar dus als laatste het woord kon voeren staat buiten kijf.
Laf
Dat hij dat betoog daar pas op dat laatste moment houdt is naar mijn mening laf: hij weet dat in het kader van het laatste woord in een strafproces niet één rechter of officier hem kan onderbreken of ter zake zijn betoog een vraag kan stellen, laat staan dat betoog van een kritische noot kan voorzien. Iedere dialoog over mogelijke begrenzing van de vrijheid van meningsuiting gaat hij daarmee uit de weg. Ongehinderd kon hij Officieren van Justitie uitmaken voor vazallen van het Kabinet: “hoort zo’n opmerking niet thuis in een debat in de Tweede Kamer met de Minister van Justitie, mijnheer Wilders?”…nee, op een moment dat geen enkel weerwoord mogelijk is je politieke standpunten uiten is naar mijn mening dus ronduit laf…en dat mag ik zeggen, want ik heb een vrijheid van meningsuiting.
Geschreven door
Privé: AK Advocaten
Waar kunnen we jou mee helpen?
Heb je vragen of hebben we je al overtuigd? Neem vrijblijvend contact met ons op.